De schoorsteen


Historische (fabrieks)schoorstenen vormen een bijzondere categorie binnen het industriële erfgoed.  Net als watertorens en vuurtorens zijn het markante elementen in het beeld van een landschap of een stad.

Een schoorsteen is een kanaal dat dient tot afvoer van verbrandingsgassen die vrijkomen bij een productieproces.  De oudste schoorstenen stonden naast bedrijven waar het productieproces veel warmte of vuur vergde zoals steenbakkerijen, ijzergieterijen of glasblazerijen. Deze bedrijven gebruikten al schoorstenen voor de komst van de stoommachine.  Met de introductie van de stoommachine hadden ook andere bedrijven zoals textielbedrijven, wasserijen of verffabrieken nood aan schoorstenen.  Ze werden ook gebouwd bij ketelhuizen van tuinbouwbedrijven, kloosters, zorginstellingen en openbare voorzieningen zoals scholen en zwembaden.  Het merendeel van de latere schoorstenen had alleen de functie van rookafvoer voor een ketel behorende bij een stoommachine.

De hoogte en diameter van de schoorstenen werden in belangrijke mate bepaald door de capaciteit van de onderliggende stookinstallatie.  Daar waar de oorspronkelijke schouwen tot 40 meter hoog gingen ontstonden er op het einde van de 19de eeuw door de grote aantallen te bouwen schoorstenen standaardtypes voor kleinere schouwen tot ongeveer 20 meter hoog.  Het exemplaar in The Paint Factory hoort tot zo’n standaardtype schouw.

Door gewijzigde stooktechnieken vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw werden hoge gemetselde schoorstenen overbodig en verdween een stukje industriële geschiedenis.  Een korte metalen pijp kon voortaan volstaan.